![]() |
||||||||||||||||||||||||||||
J.C.Bloem schreef: Waard is het, vijf jaren gesmacht te hebben, Nu opstandig, dan weer gelaten, en niet Eén van de ongeborenen zal de vrijheid Ooit zo beseffen. Wat vrijheid betekent, hangt af van een voorzetsel. Men is vrij van en men is vrij om. Men kan vrij zijn van armoede, honger, onderdrukking. En men kan vrij zijn om aan zijn leven een zelfgekozen invulling te geven, om gelukkig te zijn met dierbaren, om de taak te vervullen waartoe men zich geroepen voelt en in staat, met de talenten en mogelijkheden die gegeven zijn. ![]() Voor de vrijheid van is dikwijls een strijd nodig tegen wat buiten ons is, een bezetter, een onderdrukker. Een vijand die ons tot slaaf maakt. Maar we weten dat die vijand ook in ons schuilt. Die ons tot slaaf maakt van een opgedrongen |
ideologie, conventie, onbewust eigengemaakte vooroordelen. Die vijand van buiten dringt vaak onze ziel binnen en belet ons dan om die andere bevrijding te vieren, die leiden kan tot de vrijheid om. Ik heb ooit een lieve, al te lieve, studente gehad die het uit zichzelf perste om haar moeilijke academische studie tot een goed einde te brengen, wat ze deed om haar vader te plezieren, terwijl ze het tot haar levenstaak had willen maken om verpleegster te worden. Haar lief-zijn was au fond een vijand. Dit is een 'zacht' voorbeeld. Er zijn veel hardere, waar de aanvaarding van een verkeerde keuze op onzachtzinnige wijze verbonden is aan opgelegde dwang, vaak in de culturele, religieuze of politieke sfeer. Vaak ook voortkomend uit persoonlijke omstandigheden, als ouders hun kind tot een voorwerp van onderwerping maken. In onze dagen wachten velen in de wereld, vooral zij die hebben moeten vluchten voor geweld, onrecht en misère, nog op een bevrijding, zoals wij in Nederland ernaar smachtten in 1945. Anderen, op meer bevoorrechte plekken op aarde, streven naar een innerlijke bevrijding. De ultieme bevrijding is het weghalen van verhardingen in de ziel. Stijfheid van de ziel is een belemmering van ontplooiing, alsof een bloem verhinderd wordt om te bloeien zoals zij bloeien kàn. We zijn allemaal wel op een of andere manier geroepen om tegen dreigende stijfheid, vooroordelen bijvoorbeeld, in onszelf ten strijde te trekken. In elk mensenleven vindt vanuit een bepaald gezichtspunt een bevrijdingsbeweging plaats. Het hoort bij de taken van de kunst om een lied van bevrijding te zingen. Daarom is het essentieel dat kunst zelf vrij is. Kunst kan en moet een voorbeeld van bevrijding kunnen geven. Vrij in zijn boodschap en vrij in zijn expressie. Neem het voorbeekd van het geëxposeerrde beeld van Ron Sluik, die in Moldavië woont en werkt. We zien een held op een voetstuk. In zijn ene hand houdt hij een krans, in de andere een helm. Hij heeft geen hoofd. Onmiddellijk dringen zich vragen op. Wat heb je aan een helm als je geen hoofd hebt om die helm op te zetten? Waar is dat hoofd gebleven? Verloren? Nooit gehad? Wat heb je hoofdloos aan een krans? Wat heb je überhaupt aan een krans? Het beeld daagt uit tot interpretatie. Het zoeken naar antwoorden is op zichzelf een bevrijding en kan tot bevrijding leiden van vastgeroeste denkbeelden. Uitdagen tot interpretatie. Uitdagen tot het stellen van vragen. Uitdagen tot bevrijding. Mogelijkheden van bevrijding tonen. Ziedaar de opdracht die de kunstenaars van de tentoonstelling 'BE Vrij Ding/ LIB E Ration' in het World Art Delft zichzelf hebben gegeven. Het is een manier om die bevrijding van zestig jaar geleden te herdenken, een bevrijding die werkelijkheid werd voor een Amsterdamse jongen en voor veel anderen, in mei 1945. Bevrijding, vandaag de dag, het nog steeds een droom voor ons allen, waar ook ter wereld. Aart van Zoest |
|||||||||||||||||||||||||||