'Canton Contemporary/ South Elements'


Hedendaagse beeldende kunst uit Canton (China)

25 juli - 5 augustus 2010
Foto album

Kunstenaars: Liang Qiangli - Pan Yuchuan - Xue Jiye - Zhang Wei - Li Tao - Zhou Qinshan - Zhu Donghui - He Jiancheng - Song Guangzhi - He Guirui - Gao Jie.

De kunstenaars zijn allen afkomstig uit Guangzhou.

Run - Liang Qiangli Step - Liang Qiangli
werken van Liang Qiangli
De geschiedenis van Guangzhou

Guangzhou heeft een lange historie. Al in 200 v. Chr., tijdens de regeerperiode van de Nanyue koningen, was het een bloeiende stad. Gedurende de Qin-dynastie (221- 206 v.Chr.) veroverde de keizer de kustgebieden rond de Parelriver. Gedurende de Tang dynastie (618- 907) waren matrozen en kooplui uit Perzië en Melaka veelgeziene bezoekers van Guangzhou. De stad bloeide tot aan de 11e eeuw. Daarna begon een periode van verval, veroorzaakt door oorlogen en piraterij. Vanaf de veertiende eeuw verbeterde de situatie en hernam de stad zijn positie van meest belangrijke haven in China. 

De eerste contacten met Europeanen dateren uit de 16e eeuw. Portugezen kregen toestemming om zichzelf te vestigen in Macao in 1557, iets later gevolgd door de Jezuïeten in Zhaoqing, zo’n 100 km ten westen van Guangzhou. In 1685 opende het keizerrijk Guangzhou voor handel met het buitenland. Buitenlandse kooplui kregen toestemming om pakhuizen te bouwen, van waaruit de goederen werden verscheept naar het Westen. In 1757 kreeg één gilde het recht om met de buitenlanders te handelen. Dit resulteerde in een initiatief van het Westen de Opiumoorlogen te starten. Britse troepen bezetten de stad tweemaal, allereerst in 1841, en later tussen 1857 en 1861. Vanaf 1860 hadden de Britten en Fransen extraterritoriale rechten in enclaves in de stad. 

De Nederlanders ontdekten de handelsmogelijkheden in Canton al vroeg. In 1728 besloot de VOC een schip (de ‘Coxhoorn’) naar Canton te sturen. De reis was vanuit een zakelijk oogpunt gezien (thee en porselein) een groot succes. Daarop werd besloten een permanente handelspost (‘factorij’) te openen in Canton. De belangrijkste reden hiervoor was de bloeiende theehandel. Nadat de VOC opgeheven was, werd de theehandel voortgezet met Amerikaanse schepen. 

De Nederlandse factorij brandde af in 1922, maar een nieuwe werd gebouwd op dezelfde plek. In 1838 kreeg de Nederlandse post de titel van ‘Nederlandsch Commercieel Agentschap in China’ (NCA, Engels: ‘Dutch Commercial Agency’). Gedurende de Opiumoorlog brandden de Engelse factorij en de NCA af. Het Parlement besloot een consul-generaal aan te stellen in China in 1972, die zichzelf in Shanghai vestigde. 
 

Gedurende de eeuwwisseling werden vele illegale organisaties opgericht met als doel de Qing-dynastie omver te werpen. In 1905 sloeg een aantal van deze groeperingen de handen ineen en vormden een alliantie voor de Chinese revolutie. Deze alliantie werd geleid door Sun Yat-sen, die geboren werd in de provincie Guangdong. In 1911 is de Qing-dynastie ten val gebracht, en werd de republiek uitgeroepen. In 1949, na de oorlog met Japan, werd de Volksrepubliek uitgeroepen door Voorzitter Mao Zedong. 

Toen Mao Zedong China onafhankelijk probeerde te maken van de rest van de wereld, zocht Deng Xiaoping zijn toevlucht tot Guangdong. De liberalisatie van de economie in 1978 door Deng Xiaoping had grote implicaties voor het gebied rond Guangdong. Speciale Economische Zones (Shenzhen, Zhuhai etc.) en fabrieken werden opgezet. De economie bloeide enorm op en die groei duurt tot aan vandaag toe. 


(Bron: ‘Tribuut aan China’, Dr. L. Blussé, vrij vertaald uit het Engels.)


Curators: Yang Xiao Yan en Willem Offenberg